Hof van Justitie: recht op compensatie bij vluchtvertraging buiten de EU
Stel: u boekt twee aansluitende vluchten bij een EU-luchtvaartmaatschappij. Deze vluchten worden uitgevoerd door een niet-EU-maatschappij. Er ontstaat een lange vertraging op de tweede vlucht. Buiten de EU. Wie is er dan verantwoordelijk voor het betalen van compensatie?
Compensatie
De uitspraak van het Hof gaat over een vertraagde vlucht die vertrok uit Brussel (België). Het vliegtuig maakte een tussenlanding in Newark (Verenigde Staten) en landde daarna in San José (Verenigde Staten). Beide vluchten zouden door Lufthansa worden uitgevoerd, maar werden in de praktijk uitgevoerd door de Amerikaanse maatschappij United Airlines. Reizigers kwamen door een vertraging op de tweede vlucht bijna vier uur later op de eindbestemming aan. Drie reizigers eisten daarom compensatie.
Passagiersrechten
In de EU zijn er regels die in sommige situaties recht geven op compensatie. Bijvoorbeeld bij een vertraagde, overboekte of geannuleerde vlucht. De vlucht moet wel aan een paar voorwaarden voldoen. Zo moet de vlucht bijvoorbeeld vertrekken vanuit een land in de EU. Of het moet om een vlucht gaan van een Europese luchtvaartmaatschappij die aankomt in een van de EU-landen.
De vraag is of United Airlines de compensatie moet betalen. United Airlines is een Amerikaanse luchtvaartmaatschappij en dus geen EU-maatschappij. United Airlines heeft de vluchten uitgevoerd namens Lufthansa. De Amerikaanse maatschappij heeft dus eigenlijk geen contract met de reizigers. De vertraging ontstond op de tweede vlucht van Newark (Verenigde Staten) naar San José (Verenigde Staten). Dat is buiten de EU. Gelden de EU-regels dan wel?
Uitspraak van het Hof
Het Hof zegt hierover dat de reizigers in deze situatie om compensatie kunnen vragen aan United Airlines. De Amerikaanse luchtvaartmaatschappij heeft geen contract met de passagiers. Maar United Airlines is wel verantwoordelijk voor het goed uitvoeren van de vlucht. Dat is de luchtvaartmaatschappij verplicht als zij een vlucht uitvoert namens een andere luchtvaartmaatschappij.
Het maakt volgens het Hof dan verder niet uit of de vluchtvertraging ontstaan is op een vlucht buiten de EU en of de vlucht is uitgevoerd door een niet-EU-maatschappij. Zolang de reizigers hun vliegreis maar zijn begonnen in een van EU-landen. Als het om twee vluchten gaat, dan moeten dit rechtstreeks aansluitende vluchten zijn.
Verder maakt het Hof duidelijk dat de luchtvaartmaatschappij die de vlucht uitvoert de schade kan verhalen op anderen die verantwoordelijk zijn voor de vertraging.
Meer weten?
De volledige uitspraak C‑561/20 Q tegen United Airlines Inc. leest u op de website van Infocuria (jurisprudentie van het Europees Hof van Justitie).
Let op: De informatie op deze pagina kan verouderd zijn.