Hof van Justitie: autoriteit mag luchtvaartmaatschappij dwingen compensatie te betalen
Lidstaten mogen handhavende autoriteiten in hun land de bevoegdheid geven om besluiten te nemen over compensatie aan individuele passagiers. Dat oordeelt het Hof van Justitie van de Europese Unie.
In Nederland betekent dit bijvoorbeeld dat de overheid mag besluiten dat de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), de nationale handhaver voor passagiersrechten, uitspraak kan doen in compensatiezaken van individuele passagiers. Dit is nu niet het geval.
Passagiers moeten nu bij een rechter aankloppen als een luchtvaartmaatschappij weigert compensatie te betalen. Bijvoorbeeld compensatie voor een vertraagde vlucht. De ILT behandelt geen persoonlijke meldingen, maar komt alleen in actie als veel passagiers een melding doen over een bepaalde maatschappij.
Vraag aan het Hof van Justitie
De uitspraak van het Hof ging over de zaak van een groep passagiers die met de Poolse maatschappij LOT vloog. De passagiers vlogen met LOT van New York naar Boedapest (Hongarije) en liepen drie uur vertraging op. Daarom claimden zij compensatie. De passagiers stapten naar de Hongaarse autoriteit die ervoor moet zorgen dat luchtvaartmaatschappijen zich aan de regels houden. De Hongaarse autoriteit oordeelde dat LOT deze passagiers inderdaad € 600 compensatie moest betalen.
LOT was het hier niet mee eens. De luchtvaartmaatschappij vond dat de Hongaarse autoriteit niet de macht had om deze betaling af te dwingen. Volgens LOT mag alleen de nationale rechter dit doen. De Hongaarse rechter legde de vraag daarom voor aan het Hof van Justitie.
Uitspraak
Het Hof stelt dat een nationale handhaver niet verplicht is om iets te doen met klachten van individuele passagiers. Máár een lidstaat mag de handhaver die bevoegdheid wel geven.
Volgens het Hof zijn de Europese regels voor compensatie juist bedoeld om lastige rechtszaken te vermijden. De Europese regels bevatten standaardvergoedingen voor de schade van passagiers. Daarmee kunnen passagiers, luchtvaartmaatschappijen en autoriteiten zelf gemakkelijk vaststellen of er recht is op compensatie. Doet een nationale handhaver uitspraak over een compensatievraag? Dan maakt ook dit zaken makkelijker:
- Passagiers hoeven niet de moeite te nemen om naar de rechter te stappen
- Passagiers worden beter beschermd
- Rechters krijgen minder compensatievragen
Het Hof vindt daarom dat nationale handhavers de bevoegdheid mogen krijgen om uitspraak te doen over compensatievragen van individuele passagiers. Is de passagier of luchtvaartmaatschappij het niet eens met de uitspraak? Dan krijgen zij wel nog de mogelijkheid om toch naar de rechter te stappen.
Meer weten?
De volledige uitspraak Zaak C‑597/20 vindt u op de website van Infocuria (jurisprudentie van het Hof van Justitie).